Neus tot staart eten, waar komt de term vandaan?
De term is geïntroduceerd door chef kok Fergus Henderson in zijn boek The whole beast: nose to tail eating.
Het neus tot staart principe wil zeggen dat dieren die geslacht worden voor consumptie ook zo volledig mogelijk geconsumeerd worden.
In de westerse cultuur is het de gewoonte om enkel vlees en spieren van een dier op te eten.
Dit is de grootste massa aan een carcas maar zeker niet het enige wat eetbaar is.
Denk bijvoorbeeld aan de organen; Hersenen, lever, hart, nieren en darmen.
Daarnaast kun je ook denken aan poten, staarten, botten, huid en bloed.
Als je dit plaatselijk doet is de impact op het milieu nog kleiner omdat er minder transport nodig is dan bijvoorbeeld vlees wat in de supermarkt ligt.
Het consumeren van vlees is in verband gebracht met vele negatieve gezondheidsaspecten.
Een paar hiervan zijn hartaanvallen, ader verstopping, constipatie en een tumor groei promotor.
Dit wordt vaak versterkt door mensen die een volledig plant-based dieet volgen.
Naar mijn mening past vlees uitstekend in een goed gebalanceerd dieet en het een flinke sprong vergt om enkel vlees aan te duiden als veroorzaker van bovengenoemde ziektes.
Het neus tot staart principe hoor je vaak terug komen bij een carnivoor dieet of het keto dieet.
Zeker bij het carnivoor dieet is het van belang om verschillende delen van het dier te consumeren om alle vitamine en mineralen binnen te krijgen.
De beste manier om vitamine C binnen te krijgen als je geen beschikking hebt tot fruit is door rund of varkens lever te eten.
Runderlever bevat 31mg en varkenslever 23mg per 100g.
Ter vergelijking een appel bevat 4,6mg en een sinaasappel 53,2g per 100g.
Dit geldt voor rauwe lever, vitamine C is zeer vluchtig bij hitte behandeling.
Ook zie je dat organen qua nutriënten soms 10 tot 50x voedzamer zijn dan spieren, groente en fruit.