Gebruik watten of keukenpapier voor kiemgroenten.
Voor deze methode maak je de watten of het keukenpapier nat, waarna je eventueel overtollig water laat weglopen.
Hierna verdeel je de zaden over de vochtig gemaakte ondergrond.
Let erop dat je de watten of het keukenpapier niet te nat maakt, maar ook niet laat uitdrogen.
Besproei daarom je kiemgroenten regelmatig met een plantenspuit.
Om je kiemen te oogsten, knip je ze net boven de watten of het papier af.
Kiemgroenten kweken in een bakje met aarde.
Gebruik hiervoor een bakje dat je voorhanden hebt.
Zorg ervoor dat je de potgrond niet te stevig aandrukt, zodat je zaden de ruimte krijgen om te kunnen wortelen.
Strooi de zaden op de grond, door ze voorzichtig tussen je vingers te wrijven.
Je kunt de zaden daarna bedekken met een dun laagje grond, maar dit is niet noodzakelijk.
Besproei na het zaaien de grond met de zaden voorzichtig met een plantenspuit.
Om te oogsten knip je de kiemgroenten boven de grond af.
Laat kiemgroeten groeien in een pot.
Je hebt hiervoor uiteraard een schone pot nodig, een stukje stof of een gaasje en een elastiek.
Je doet de zaadjes in de pot en je bedekt de opening met het stukje stof, dat je afbindt met het elastiek.
Hierna vul je de pot voor de helft met water.
Dit laat je een nachtje staan en de volgende morgen giet je het water, zonder het doekje te verwijderen, weg.
Hierna voeg je nieuw water toe, dat je meteen weg laat lopen.
Zet de pot schuin neer, zodat al het water weg kan.
Dit spoelproces herhaal je elke ochtend en elke avond.
Na een kleine week zijn je kiemgroenten klaar voor consumptie.